Ik heb mijn
nieuwe avondvullende toneelstuk over abortus (bezetting 3v,1m), eergisteren naar
Toneeluitgeverij Vink gestuurd, die ik nog ken uit de tijd dat ik zelf stukken
hielp uitzoeken voor de volgende productie. Rondklikkend op hun site viel mijn
oog op de talloze filters waarmee gezelschappen een geschikte tekst kunnen
selecteren. Ik maak natuurlijk graag reclame voor mijn werk, maar het scheelt
als het makkelijk te vinden is. Klucht, dialect, familievoorstelling, historisch
toneelstuk, tweede wereld oorlog... dat is allemaal niet van toepassing. Maar de
rubriek kerst, daar moest ik even over nadenken. Heb ik dat?
Wat maakt nou een echt kerststuk? Een flinke portie drama, een vreselijke
antagonist, een volkomen 'happy end' en een mooi versierd kerstboompje ergens
op het toneel, tja, dat heb ik allemaal wel.
Maar eigenlijk gaat het niet over kerst. Dat is in ieder geval niet het thema, dus verwacht geen finale buitenscene waar een sneeuwmachine zijn witte nepvlokken vrolijk kan laten dwarrelen. En mocht men zich door de titel laten leiden, het gaat ook niet heel erg over abortus, dus verwacht ook geen al te expliciete medische duiding van die ingreep. Het gaat over een meisje met een hopeloos gebrek aan zelfvertrouwen, wat ze heel behendig weet te maskeren als het allemaal te moeilijk wordt. Namelijk door te provoceren. En tegen de tijd dat ze daar mee ophoudt, komt het toch nog helemaal goed. Dus dat is dan wel weer kerststukwaardig.
Gelukkig heeft de site ook nog de hoofdrubriek Nieuwe Oogst. Dat is in ieder geval wel even van toepassing. En ik zal niet nalaten mijn verse tekst hier onder ook even te benoemen voor het geval belangstelling nu spontaan ontstaat.
titel: Abortus provocatus (Toneeluitgeverij Vink)
auteur: Fred Hemmering
genre: tragi-komedie
rollen: 1m,3v
speelduur: 116 min
'Abortus provocatus' gaat over Manon, een mentaal zwakke dochter met een vage
lat-relatie en een suïcidaal verleden, zoals haar moeder het tegen iedereen
loopt te vertellen. Het is de dag na dat Manon in de gracht sprong, met de
vermoedelijke intentie om er niet meer uit te komen. Ze wordt gered en na een
kort verblijf in het ziekenhuis probeert ze bij zinnen te komen op de bank bij
haar vriendin, op veilige afstand van het ouderlijk huis.
Want juist de slechte verstandhouding met haar bemoeizuchtige moeder en een
starre Christelijke opvoeding waren ongetwijfeld de kiem van langdurige
tienerdepressies. En dan is ze ook nog onbedoeld zwanger van haar
parttime-vriendje. Die middag staat een abortus gepland, maar niemand weet nog
dat ze die in het ziekenhuis, vol overtuiging, stiekem heeft afgezegd. Want
vanaf het wonderlijke moment van haar verdrinkingsredding heeft ze levenszin
gevonden in het moederschap.
Maar door het anti-abortus dogma van haar ouders en een totaal gebrek aan
eigenwaarde is het voor Manon ondenkbaar om haar droom zomaar te verkondigen. Ze
loopt voortdurend vast in de gedachte dat haar moeder de redding van haar kind
moreel zal kapen.
Pas als ze beseft dat ze niks te verliezen heeft, besluit ze om zich voor te
bereiden op de confrontatie met haar moeder, om voor eens en voor altijd af te
rekenen met de frustraties die hun relatie op een absoluut dieptepunt hebben
gebracht. Die gelegenheid komt echter veel eerder dan verwacht. Totaal
onvoorbereid gooit ze haar moeder de vermeende abortus provocerend voor de
voeten samen met het feit dat ze gisteren bijna verzopen zou zijn. En wat er dan
vandaag eigenlijk nog toe doet. Zo vinden moeder en dochter de ingetogen
gesprekstoon waarmee ze elkaars respect herwinnen.